Kredietcrisis.

De vraag of het geloof in het kapitalisme de economische crisis zal overleven, moet ontkennend beantwoord worden. Er kan namelijk geen enkel misverstand over bestaan dat het vredes- of mensenrechtenideaal waar onze tijd van doortrokken is, nooit van de grond zal komen op basis van een gedachtegoed dat een asociaal hebzuchtig menstype promoot. De promotie die niet getuigt van realiteitszin, omdat zij de werkelijkheid geweld aandoet.

Barack Obama maakte in Chicago duidelijk dat de Verenigde Staten de kredietcrisis niet alleen kunnen oplossen. “We moeten andere landen over de hele wereld benaderen om tot een wereldwijd antwoord te komen”, aldus de nieuwe president. Voor een adequaat mondiaal antwoord zal echter niet gefocust moeten worden op de ellende die de kredietcrisis veroorzaakt, maar op het idee van de aarde als een levend organisme dat terminaal ziek is en met kapitaalinjecties e.d. niet in leven te houden is. Dáárover zal mondiaal gediscussieerd moeten worden als (indirect) antwoord op de kredietcrisis.

Oplossend vermogen G20 nihil.

Wat de bestrijding van de kredietcrisis betreft, is de prestigieuze G20-top afgelopen weekend in Washington blijven steken in een slotverklaring die bol staat van intentieverklaringen. Meer zit er ook niet in, omdat de financiële wereld van nature niet zelfdragend is. Daardoor moet zij bij een crisis met kunstgrepen (kapitaalinjecties, renteverlagingen e.d.) staande gehouden worden. Bij deze reddingsoperaties staat echter niet het algemeen belang maar het eigenbelang - de machtspositie van de financiële wereld - centraal. Vandaar dat de strategie van de G20 (onder aanvoering van de VS) er in wezen op gericht is de dictatoriale wereldorde in stand te houden, waarin het principe ‘wie betaalt, bepaalt’ koning kraait.

Wat ontbreekt in de discussie over de kredietcrisis, is het besef dat niet alleen deregulering en privatisering indruisen tegen het niet te stuiten proces van mondialisering of mondiale eenwording, maar ook dat het dictatoriale karakter van de kapitalistische orde (wie betaalt, bepaalt) indruist tegen het democratische karakter van onze tijd, zoals dat spreekt uit de alom onderschreven mensenrechten.

Kapitaalinjecties, pure geldverspilling.

Volgens Europees commissaris van financiën Joaquin Almunia, is de crisis voorlopig nog niet voorbij en komt de economische groei in de EU volgend jaar vrijwel tot stilstand. Deze realiteit maakt duidelijk dat het kapitalistische systeem, hoe briljant de gedachte daar achter ook is, aan zijn eigen succes ten onder gaat. Dankzij de kredietcrisis komen er namelijk systeemfouten aan het licht, die het systeem zelf niet kan oplossen. Zo blijkt het streven naar deregulering en privatisering (dat na de val van de Muur wereldwijd een hoge vlucht heeft genomen) een doodlopende weg te zijn, waarop het systeem geen antwoord heeft, of het zou zichzelf moeten verloochenen. En datzelfde geldt ook voor de onderlinge spanningen in de samenleving die worden opgeroepen door het grote verschil in welvaart, zonder welke het kapitalistische systeem niet kan functioneren.

Een gevaarlijke aberratie?

Een gevaarlijke aberratie?
 
De kredietcrisis heeft de voorspelling over het einde van het kapitalisme weer eens op de (wereld-)agenda gezet. Door de financiële wereld wordt deze veelal afgedaan als een aberratie, een ernstige psychische afwijking. Een diskwalificatie die er van uitgaat dat in ons denken economie en democratie onlosmakelijk aan elkaar gekoppeld zijn, dus als een soort natuurlijke twee-eenheid fungeren. De vraag is of dat wel zo is. Kan het niet zo zijn dat hier sprake is van een gekunstelde in plaats van een natuurlijke verstrengeling in ons denken? En mocht dát zo zijn, zou het dan ook niet zo kunnen zijn dat het juist die gekunsteld- of onnatuurlijkheid is, die (sinds mensenheugenis) het slechtste in de mens naar boven brengt en debet is aan de vermaledijde tweedeling, waaronder de (wereld-)samenleving (sinds mensenheugenis) gebukt gaat?

Struisvogelpolitiek.

In wezen komt de kredietcrisis neer op het falen van het financiële systeem, dus van het denken van financieel deskundigen, waar het een product van is. Een product dat (getuige de kredietcrisis) geen zekerheid biedt, dus niet te vertrouwen is.

Wenkend perspectief.

De vraag of 700 miljard dollar wel genoeg is, moet ontkennend beantwoord worden, omdat met een financiële injectie de vertrouwenscrisis (die de kredietcrisis in wezen is) niet te bezweren is.

Inhoud syndiceren