Geen gerelateerd activiteiten in de komende periode gevonden.

Geboren: Reykjavik, 15 april 1930
Citaat: “Het zou tragisch zijn als het vooruitzicht van materiële grootsheid in een voortdurende uitbreidende markt voorbij zou gaan aan Scandinavische waarden.”
In de Europese politiek geldt: hoe noordelijker, hoe meer vrouwen in de regering. Zoals Finland dat momenteel wordt geleid door een regering bestaande uit 12 vrouwelijke en 8 mannelijke ministers, en Noorwegen met een kabinet van tien vrouwen uit negentien. IJsland had in 1980 de primeur van de eerste vrouw die democratisch tot staatshoofd werd gekozen, Vigdís Finnbogadóttir.
Na diverse, ook buitenlandse, studies werkte ze bij de Theatre Company in Reykjavik en als docent Frans. In de jaren-‘60 en –‘70 nam ze deel aan vele protesten tegen de aanwezigheid van de Amerikaanse luchtmacht op de basis Keflavik. Van 1976 tot 1980 was ze lid van het Adviescomité voor Culturele Aangelegenheden in de Scandinavische landen.
Bij de IJslandse presidentsverkiezingen van 1980 was Finnbogadóttir een van de vier kandidaten; ze haalde de meeste stemmen (33,6 % van het totaal). Weliswaar zijn er eerder vrouwen democratisch tot minister-president gekozen, zoals Bandaranaike, Indira Gandhi, Meir en Thatcher, maar geen van hen was staatshoofd.
IJsland trad in 1984 toe tot de Europese Economische Ruimte, een samenwerkingsverband tussen de Europese Unie en de Europese Vrijhandels Associatie. IJsland wil tot nu toe niet lid worden van de Europese Unie omdat het vreest de zeggenschap over zijn visgronden te verliezen. De visserij is IJslands belangrijkste bron van inkomsten; in het recente verleden voerde IJsland daarover zelfs strijd met Groot-Brittannië. Mogelijk dat de huidige economische crisis in dat standpunt verandering brengt.
Finnbogadóttir was een geliefd leider, ze werd onomstreden herverkozen als president in 1984. In 1988 behaalde ze 95 % van de stemmen.
Vanaf 1991 hield IJsland een liberale politieke koers aan. Een aantal grote en kleine bedrijven werd geprivatiseerd. Dit resulteerde in de deregulering van de banken in 2001, met ernstige gevolgen, zoals bleek in de IJslandse bankcrisis van 2008.
In 1992 begon Finnbogadóttir onomstreden aan haar vierde en laatste termijn van vier jaar als president.
Ze heeft zich in die periode bezorgd uitgelaten over het mogelijk verlies van de gezamenlijke Scandinavische identiteit door de toegenomen Europese samenwerking.
Juni 1994 ontving ze als staatshoofd, maar ook privé, koningin Beatrix en prins Claus: “een warm gekoesterd intermezzo in een bestaan waarin zo weinig ruimte lijkt voor een privé-leven”.
Op 4 september 1995 voerde ze het woord op de VN-vrouwenconferentie.
Na haar aftreden als president in 1996 richtte ze in 1997 de Raad van Vrouwelijke Wereldleiders op.
Voorzitter van de United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization World Commission on the Ethics of Scientific Knowledge and Technology werd ze in 1998, gevolgd door het goodwill ambassadeurschap van de UNESCO.
Ook is zij lid van de Club of Madrid.
Een taleninstituut van de Universiteit van IJsland is naar haar vernoemd: Vigdís Finnbogadóttir Institute of Foreign Languages.
Bron foto: : http://forseti.is
Geen activiteiten in de komende periode gevonden.