Geen gerelateerd activiteiten in de komende periode gevonden.

Geboren: Bærum bij Oslo, 20 april 1939
Citaat:
“Echt, het is eenvoudig. De gezondheid van mensen en die van eco-systemen zijn onscheidbaar.”
En: “nooit hadden zovelen zo’n brede en verbeterde toegang tot gezondheidszorg. Maar ook nimmer zijn er zovelen die toegang tot gezondheidszorg is ontzegd.”
”Meisjes en vrouwen die toegang is ontzegd tot scholing, informatie en vormen van economische, sociale en politieke deelname zijn bijzonder kwestsbaar. Sommige regimes bevoordelen bij inentingen jongens boven meisjes. Dat is volstrekt onaanvaardbaar en we moeten ons uitspreken tegen dergelijke praktijken.”
Gro Harlem Brundtland is een is een unieke politica. Niet alleen was zij de eerste (en tot nu toe enige) vrouwelijke Noorse premier, zij was voorzitter van de eerste VN-commissie over milieu en duurzame ontwikkeling, en bekleedt sindsdien diverse posities op wereldniveau.
Brundtland is zowel in haar studiekeuze als in haar politieke opvattingen sterk beïnvloed door haar vader. Net als hij is zij arts (studies in Oslo en Harvard) en werd zij actief in de Arbeiders (sociaal-democratische) partij. In de zeventiger jaren zette zij zich in voor vrouwenrechten, zoals het recht op abortus.
Op 35-jarige leeftijd (6 september 1974) werd zij benoemd als minister van milieu in het kabinet-Bratteli. Vijf jaar later trad ze af om zich te wijden aan verbetering van de organisatie van haar partij. In 1981 trad premier Nordli af en volgde Brundtland, inmiddels partijvoorzitter, hem op. Haar premierschap duurde minder dan een jaar, maar bevatte wel een ‘record’: haar kabinet bestond voor bijna de helft uit vrouwelijke ministers. Na een verkiezingsnederlaag in september 1981 voerde Brundlandt de oppositie aan.
De toenmalige secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Javier Pérez de Cuéllar, verzocht haar in 1983 aanbevelingen te doen over milieu en ontwikkeling. Een breed samengestelde internationale commissie stelde, na intensieve openbare gesprekken met deskundigen, het rapport ‘Onze gemeenschappelijke toekomst’ (Our Common Future) op dat in april 1987 verscheen. Dit rapport volgde op die van de commissies-Brandt over wereldeconomie en ontwikkelingssamenwerking (1979) en -Palme over wapenbeheersing en ontwapening (1982, waaraan Brundlandt had meegewerkt). Het Brundtland-rapport legde de basis van de VN-conferentie over milieu en duurzame ontwikkeling ‘Agenda-21’.
In de volgende regeringsperiode (vanaf 1986) trad zij weer aan als premier, gevolgd door haar derde en laatste kabinet (tot 1996).
Ondanks Brundtlands inspanningen om de kiezers te bewegen in te stemmen met toetreding tot de Europese Unie, wees in november 1994 een meerderheid (52,2%) deze af (een eerdere afwijzing per referendum was in januari 1972). Noorwegen is met Zwitserland, IJsland en Liechtenstein een van de vier EVA-landen gebleven. Veel Noren hadden kritiek op het gebrek aan democratie binnen de Europese Unie; bovendien is Noorwegen in staat gebleken zelfstandig een welvarende economie op te bouwen dankzij de winning van gas- en aardolie uit eigen bodem.
Als eerste vrouwelijk hoofd van een VN-instituut werd Brundlandt in 1998 benoemd tot directeur-generaal de Wereld Gezondheids Organisatie. In die positie ging zij onder meer het roken van sigaretten tegen en kwam zij op voor de bescherming van niet-rokers. Na haar aftreden als directeur-generaal bleef zij actief. Zo is zij lid van de Raad van Vrouwelijke Wereldleiders, lid van de Club van Madrid, en speciale afgezant van de secretaris-generaal van de VN op het gebied van klimaatverandering. Ook werkt ze voor Pepsi als consultant.
Brundtland is lid van The Elders, een groep van wereldleiders, van wie Mandela de bekendste is. Brundtland kent Mandela sinds de uitreiking van de Nobelprijs in Oslo in 1993; in 1996 bezocht zij met hem – inmiddels de president van Zuid-Afrika - het complex op Robbeneiland waar hij gevangen heeft gezeten. Mandela bedankte toen Noorwegen voor steun aan het ANC in moeilijke tijden en deed in die context een controversiële uitspraak over Kadaffi en Castro als zijn politieke vrienden.
Brundtland trouwde in 1960 met Arne Olav Brundtland, zelf een vooraanstaand lid van de Conservatieve partij en schrijver van twee boeken over hun relatie; ‘Getrouwd met Gro’ en ‘Nog steeds getrouwd met Gro’. Van hun vier kinderen pleegde een zoon in 1992 zelfmoord. Gro legde toen het partijleiderschap neer, maar bleef minister-president. Haar ervaringen beschreef ze in haar autobiografie “Madam Prime Minister: A Life in Power and Politics”.
Bron foto: bron: www.acte.org/
Geen activiteiten in de komende periode gevonden.