Debatreeks haalt landelijke pers

Nieuws

 
15-03
Ambtenaren: Opkomstplicht moet terug De opkomstplichtplicht bij verkiezingen moet weer worden ingevoerd. Die stelling wordt ondersteund door meer... Lees meer...
 
2-03
Het Debatbureau begint na de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart met een digitale Spoedcursus Politiek. Het vak van een politicus verandert snel,... Lees meer...
 
1-03
Debatreeks ‘parlementaire zelfreflectie’: Hernieuwd vertrouwen?   Op 1 maart staat het laatste debat in de debatreeks Parlementaire... Lees meer...

Activiteiten

Geen gerelateerd activiteiten in de komende periode gevonden.

ShareThis

Op 19 januari 2007 vond in Het Heerehuis in Groningen het derde debat plaats in de debatreeks De Staat van onze Democratie georganiseerd naar aanleiding van het gelijknamige trendrapport van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Deze debatreeks is een initiatief van het Forum van Democratische Ontwikkeling (FDO) in samenwerking met BZK en de Vereniging Nederlandse Debatcentra (VND).

Dagblad Trouw heeft gisteren, 25 januari,  een artikel gepubliceerd gebaseerd op dit debat. Ook hebben zij een stelling aan dit thema gewijd. Dit artikel volgt hieronder. Voor meer informatie kunt u terecht op deze website en op www.onzedemocratie.nl.

donderdag 25 januari 2007

"Nicolaï zet de vrijheid van meningsuiting bovenaan" door Ruud van Heese

Het ene grondrecht gaat niet boven het andere, schreef het kabinet in 2004. Maar minister Nicolaï (VVD) zet de vrijheid van meningsuiting bovenaan.De uitingsvrijheid van de één kan botsen met de vrijheid van godsdienst van de ander. En diens vrijheid kan dan weer conflicteren met het recht van een derde niet te worden gediscrimineerd.

Het debat over de verhouding tussen deze grondrechten won aan hevigheid onder invloed van de aanslagen van 11 september 2001 in New York en Washington en het militaire ingrijpen – onder leiding van de Verenigde Staten – in Afghanistan en Irak. Het speelt niet alleen in Nederland. Nog geen jaar geleden ontstond opwinding naar aanleiding van de publicatie in Denemarken van een aantal spotprenten over de profeet Mohammed. Op verzoek van de Kamer ging het kabinet in een brief in op de botsing van grondrechten die zich daarbij voordeed.

In die brief viel het kabinet terug op de in mei 2004 uitgebrachte nota ’Grondrechten in een pluriforme samenleving’. De grondrechten kennen geen rangorde, was de conclusie. Welk grondrecht voorrang krijgt, moet bij iedere botsing opnieuw worden bepaald, in laatste instantie door de rechter. Een meerderheid van de Kamer nam die zienswijze over.Nicolaï was toen nog staatssecretaris voor Europese zaken. Sinds juli gaat hij als minister voor bestuurlijke vernieuwing over de grondrechten. Hij ziet wel degelijk een rangorde, maakte hij deze week duidelijk in een toespraak in Groningen.

Nicolaï kiest hiermee een ander standpunt dan het (inmiddels demissionaire) kabinet, en dan zijn partij. De VVD zet het non-discriminatieartikel bovenaan. Nicolaï zit op dezelfde lijn als wijlen LPF-voorman Pim Fortuyn. Ook die vond vrijheid van meningsuiting belangrijker dan non-discriminatie. Een verschil is er wel. Nicolaï kan het zeggen zonder de golf van verontwaardiging die Fortuyn moest incasseren.

Copyright: Trouw

In ons land is vrije meningsuiting de waarborg van andere vrijheden", aldus de minister. „In die zin beschouw ik onze uitingsvrijheid als de eerste aller grondrechten, die in een democratie voorafgaat aan bijvoorbeeld de vrijheid van religie."„Dat een kruisiging van Madonna of het afhakken van het hoofd van de profeet Mohammed in een opera leidt tot gekwetste gevoelens bij bepaalde groepen moeten we voor lief nemen. (...) De Grondwet is er niet alleen voor meningen die gunstig worden ontvangen of van goede smaak getuigen, maar juist ook voor ideeën die kunnen schokken, beroering brengen, onthutsen.Als we onszelf van tevoren al beperkingen opleggen, raken we aan iets wezenlijkers. Het is de bijl aan de wortel van een vrije democratie."