In Nederland worden mensen meer gecategoriseerd dan in andere landen. Het NRC (van 08/01/2007) meldt bijvoorbeeld dat in 2050 29% van de 16,8 miljoen Nederlanders allochtoon zal zijn, tegen 19% van de 16,4 vandaag de dag. Dit impliceerd dat allochtonen anders zijn dan Nederlanders. En veel mensen zien dit ook zo. Weinig immigranten voelen zich primair Nederlander.
Dit blijkt uit het rapport ‘De Staat van onze Democratie 2006’ waar het FDO samen met het ministerie van BZK een debatreeks over organiseert. Daarin staat dat van de Nederlanders met een allochtone achtergrond slechts een klein percentage zich primair Nederlander voelt. Bovendien voelt 40 procent zich zowel een lid van de Nederlandse samenleving als van de samenleving van herkomst.
Waarom delen wij mensen in naar herkomst, generatie na generatie? Wat voor gevolgen heeft dit voor de integratie? Leidt dit tot kunstmatige scheidslijnen, die de integratie bemoeilijken of is er iets anders aan de hand? Wordt het tijd om het gebruik van de woorden ‘allochtoon’ en ‘autochtoon’ te stoppen, of hebben ze een functie? Is de Franse methode van ‘iedereen is een Fransman’ beter? Of gaan die juist voorbij aan integratie problemen?
Geef uw mening in de discussie!
n.b. Over dit onderwerp wordt zaterdag 13 januari gediscussieerd in LOKAAL, Rotterdam. zie de kalender.