Bereik publieke omroep opnieuw ter discussie

Nieuws

 
6-04
De kloof tussen hoog- en laagopgeleiden zorgt de laatste decennia voor een nieuw soort klassenmaatschappij. Doordat de politieke elite eigenlijk... Lees meer...
 
28-07
Bewoners actief laten meedenken en meewerken aan het verbeteren van hun wijk staat hoog op de agenda van gemeenten en het rijk. Om goede... Lees meer...
 
9-07
De eerste buurtelftallen die reageerden op de oproep “Vorm een gemend elftal en maak je buurt twee keer beter” hebben de eerste acties... Lees meer...

Activiteiten

Geen gerelateerd activiteiten in de komende periode gevonden.

Vanochtend verscheen in dagblad Trouw een artikel over de pluriformiteit van de Publieke Omroep. Volgens voorzitter van de raad van bestuur van de Publieke Omroep,  Hagoort bereikt 'Hilversum' teveel hetzelfde publiek en wordt een grote groep 'maatschappelijk teleurgestelden' (Telegraaf lezers, Wilders / Verdonk stemmers) niet tot nauwelijks bereikt. Hij vindt dat hier verandering in moet komen.

De discussie over de pluriformiteit van de publieke omroep is hiermee nieuw leven in geblazen. Al eerder organiseerde het FDO een project over dit thema waarin we onder meer een besloten diner-pensant met omroepbestuurders en een reeks publieke debatten over dit thema organiseerden. Ook nu blijft het thema relevant; bereikt de publieke omroep vooral een bepaalde groep burgers? En zo ja, is het voor de Publieke Omroep mogelijk om hier verandering in te brengen?

Het FDO opent hier graag opnieuw de discussie over! Om uw gedachten wat op gang te brengen volgt hieronder het volledige artikel zoals Trouw dit publiceerde. Daaronder enkele reacties van omroepmedewerkers op Hagoort's pleidooi.

 

'alle kijkers serieus nemen'
Trouw, 16 oktober 2008

De actualiteitenrubrieken op de publieke netten bereiken de groep ’buitenstaanders’ in Nederland niet. Ze moeten meer polariseren, vindt Henk Hagoort, voorzitter van de raad van bestuur van de Publieke Omroep.

 

Ze lezen De Telegraaf. Stemmen op Wilders of Verdonk en identificeren zich niet of nauwelijks met de buitenwereld. Ze zijn niet tolerant en kunnen moeilijk uit de voeten met de complexiteit van de samenleving. Onderzoeksbureaus betitelen deze Nederlanders als ’buitenstaanders’. ’Wantrouwigen’. ’Maatschappelijk teleurgestelden’. Het zijn de mensen die liever naar ’Hart van Nederland’ kijken dan naar ’EenVandaag’, ’Nova’ of ’Netwerk’. En dat zit Henk Hagoort niet lekker. Zijn publieke omroep is er voor iedereen. Ook voor de Telegraaflezer. Tijd voor een koerswijziging bij de actualiteitenrubrieken.

 

 

Het zit ’m vooral in de stijl en toon. „We maken wel programma's met de thema's die Wilders en De Telegraaf aanreiken, maar als kijkers voortdurend het gevoel hebben dat ze zich moeten schamen voor wat ze denken, doen we journalistiek iets niet goed”, zegt Hagoort bezorgd. De ondertoon in de actualiteitenrubrieken van de publieken is wat de bestuursvoorzitter betreft te vaak ’Wilders- en Verdonk-stemmers zijn fout’. „Deze Nederlanders moeten zich serieus genomen voelen door de publieke omroep. En via de omroep kunnen participeren in het maatschappelijk debat.”

Kwalificaties van onderzoekers als ’buitenstaanders’ en ’onderbuik van de samenleving’ worden door redacties overgenomen. Voor een deel ligt dit volgens de bestuursvoorzitter aan het personeelsbestand van Hilversum. „Uit deze groep zogenoemde buitenstaanders werken er te weinig op onze journalistieke redacties”, vindt Hagoort. „Daar moeten we iets aan doen. De Telegraaf is op onze redacties ook niet het meest gelezen dagblad.”

Hagoort weigert te geloven dat de groep waar het hier om gaat, toch zo’n dertig procent van de Nederlanders, onverschillig is. „We debatteren al maanden over hoe we met Verdonk en Wilders moeten omgaan. Omdat een grote groep Nederlanders op hen stemt. Ze zijn niet onverschillig. Het zijn democraten, ze doen wel degelijk mee in de samenleving. Maar ze kijken niet naar onze programma’s. Wel naar ’Hart van Nederland’. Of op de publieke zender naar ’De Wereld Draait Door’. Een fris concept, maar geen actualiteitenprogramma. Ik vind dat de klassieke journalistiek zich moet vernieuwen en door moet krijgen wat de trends in de samenleving zijn.”

Hagoort wil zich niet bemoeien met de inhoud van de programma's, dat is tenslotte aan de redacties. Wèl ziet hij een behoefte aan meningen. „Hilversumse journalisten vinden dat ze objectief en onafhankelijk moeten opereren. Als ik met hoofdredacteuren van de actualiteitenprogramma's praat, proef ik een enorme schrik en terughoudendheid als het gaat om meningen ventileren en opiniëren. Dat is niet meer van deze tijd. Het is de terughoudendheid van de jaren negentig. Te paars. Kranten hebben er wel een journalistieke vorm voor met hun hoofdredactionele commentaren. Objectiviteit betekent dat je feiten en meningen zichtbaar moet scheiden. Maar het impliceert niet dat je neutraal moet zijn. De omroepen hebben notabene als taak om vanuit hun ideologie bij te dragen aan het maatschappelijk debat. Nu zijn we het in Hilversum veel te vaak met elkaar eens. Het zou beter zijn als journalisten af en toe met opgetrokken wenkbrauwen naar de items van hun collega's kijken. Tolerantie betekent dat ik iets verdraag dat ik eigenlijk niet te verdragen vind. De kwaliteit van de samenleving wordt beter als we daarmee leren omgaan. De flanken mogen meer worden opgezocht in Hilversum. We spelen nu kluitjesvoetbal. Alles gaat door het midden terwijl Nederland juist altijd goed is geweest in over de vleugels spelen.”